Wat: Een drijvende melkboerderij
Waar: Rotterdam
Wie: Beladon / Courage2025
Wanneer: gestart in 2010
Bron: Shau


Educatiefkarakter en positief voor het imago van de sector

De drijvende melkboerderij in de Rotterdamse haven komt uit de koker van Peter van Wingerden van het bedrijf Beladon, dat gespecialiseerd is in bouwen op het water. Van Wingerden stuitte op een dag op de plannen voor een koeientuin van de stichting Courage, een innovatieplatform voor de zuivelindustrie dat is opgetuigd door land- en tuinbouworganisatie LTO en NZO, de brancheorganisatie voor de zuivelindustrie. De koeientuin van Courage2025, waarvan er binnenkort eentje wordt geopend in de achterhoek, is een overdekte dierentuin met koeien. Open dus voor het geïnteresseerde publiek, maar toch op commerciële basis melk producerend.

Die educatieve doelstelling spreekt Van Wingerden enorm aan, vertelt de Rotterdamse ondernemer. “Veel kinderen uit de stad weten niet meer waar onze melk vandaan komt. In de steden is er amper ruimte om koeien te houden. Althans op het land. Maar op het water kan dat, zeker in een stad als Rotterdam, natuurlijk wel.” Zie hier de geboorte van het plan voor de drijvende koeientuin waar stadsbewoners straks niet alleen levende koeien kunnen bekijken, maar ook kunnen zien hoe deze dieren worden gemolken en wat er vervolgens met die melk gebeurt.
Dat ook Courage energie steekt in deze plannen, ligt voor de hand, meent De Vries. “Wil de sector goed kunnen blijven functioneren, dan heb je de waardering van de samenleving nodig. Kijk naar de discussie over de plofkip. Dat heeft grote gevolgen voor de pluimveesector gehad. Wij denken dat je met koeientuinen op een positieve manier letterlijk midden in die samenleving komt te staan.”

Courage en Beladon zijn inmiddels in gesprek met een consortium van boeren dat interesse zou hebben om te investeren in het drijvende gevaarte. Het project voorziet in verschillende fasen. Eerst komt er een koeientuin op het land, vergelijkbaar met die in de Achterhoek, mogelijk in de Merwede-4-haven met een uitloop naar een weiland. Daarbij moet een drijvend zuivelverwerkingsstation komen te liggen. De volgende stap is de bouw van de drijvende melkboerderij die met koeien en al op het water komt te liggen. Het geheel moet uiteindelijk van de haven naar hartje Rotterdam worden versleept, vertelt van Wingerden.